Frankrijk

.

Italië

Frankrijk

Groot-Brittanië

Nederland

 

 

 

 

Luberon

15-29 mei 2010

Drie jaar is het inmiddels geleden dat we nog in de Provence waren. Een bezoek aan het bergdorpje Gordes heeft toen een bijzondere indruk nagelaten en ons geïnspireerd om de "villages perchés" met name, Bonnieux, Lacoste, Ménerbes, Gordes, Oppède-le-Vieux, en Roussillon, alle gelegen in de gouden driehoek van de Luberon, te verkennen.

Hieronder volgt een reisverslagje van onze veertiendaagse vakantie geïllustreerd met heel wat foto's.

____________________________________________________________________________

zaterdag 15 mei : het vertrek

Na een vlekkeloze rit van duizend kilometer bereiken we rond vijf uur in de late namiddag ons vakantieverblijf Résidence Les 4 Soleils, gelegen op vier km van het centrum van Bonnieux. De residentie is tamelijk recent en bijgevolg voorzien van alle modern comfort. We verblijven op de eerste verdieping (had ik uitdrukkelijk om gevraagd) waardoor we vanop ons balkon kunnen genieten van een schitterend uitzicht op de dorpjes Lacoste en Bonnieux, genesteld in het Luberongebergte. We pakken uit, genieten 's avonds van de rust en maken volop plannen voor de komende dagen.

_____________________________________________________________________________

zondag 16 mei : Lacoste

De dag begint veelbelovend. Volle zon, een aangenaam briesje en vogels die tegen mekaar opfluiten. Het raam staat open en in de verte, op de top van Lacoste, ligt het kasteel van markies De Sade uitnodigend te glinsteren in de ochtendzon. Na de middag gaan we er te voet naartoe. Een echte wandelweg van hieruit bestaat er niet maar we volgen onze neus richting kasteel. Er volgt een pittige wandeling langs wijngaarden, velden vol kersenbomen met hier en daar de eerste klaprozen langs de graskant. De natuur is prachtig. Tenslotte slingert de weg zich omhoog langs de lommerrijke bergflank naar het dorp om tenslotte langs steile, smalle, geplaveide straatjes de top te bereiken : de ruïnes van het kasteel. Dit kasteel uit de 11de eeuw is nu eigendom van Pierre Cardin die het restaureert en er tijdens de zomermaanden culturele manifestaties organiseert. In 1771 gebruikte De Sade het als schuilplaats omdat hij Parijs moest ontvluchten na de schandalen die het gevolg waren van zijn erotische boeken en zijn libertijns gedrag. Bij het kasteel staat een standbeeld van de markies met het aangezicht achter tralies. Vol symboliek, hij verbleef immers vele jaren in de gevangenis. We blijven nog even genieten van het mooie uitzicht op het grote dal. In de verte zien we Bonnieux liggen. We zakken af en nemen nog even de tijd om door het labyrint van straatjes te lopen. Huizen zijn veelal versierd met bloemen, planten en struiken. Tijdens de terugweg steekt een stevige wind op. Is dit de mistral? Volgens plaatselijke bewoners blijft die altijd een oneven aantal dagen hangen : één, drie, vijf...

____________________________________________________________________________

maandag 17 mei : Bonnieux

Het is inderdaad de mistral. Bij het ontwaken horen we de wind huilen en loshangende luiken maken vreselijk kabaal. Het jonge frisse gras in de weide rond het zwembad ligt platgewaaid te glinsteren in de zon. Inderdaad, aan zon geen gebrek maar de wind voelt koud aan en we kunnen gerust een trui gebruiken. Na de middag rijden we naar Bonnieux, een ritje van slechts vier kilometer. Het dorp is tamelijk geliefd bij toeristen maar gelukkig nog niet overspoeld. Dit merken we duidelijk wanneer we aan de voet van het dorp de parking oprijden. Ze is leeg. Na een wandeling door de middeleeuwse straatjes met zijn gezellige sfeerwinkeltjes en prachtige galeries valt er nog veel meer te ontdekken. Via een trap van 86 treden bereiken we, op de top van het dorp en op 400 meter hoogte, de oude kerk (12de eeuw) van Bonnieux . Ze ligt beschut in de schaduw van eeuwenoude cederbomen. Gewoon prachtig. Hier bevindt zich ook een oriëntatiebord. We profiteren van een panoramisch zicht over de vlakte en de dorpen. Ook de Mont Ventoux is duidelijk zichtbaar. Lang blijven we hier echter niet rondhangen. De mistral heeft op deze grote hoogte vrij spel en het voortdurend vechten tegen de krachtige rukwinden is vermoeiend. We keren huiswaarts vast van plan hier terug te komen.

____________________________________________________________________________

dinsdag 18 mei : Pont Julien

Vandaag laten we de auto aan de kant. We hebben zin om te wandelen, op die manier genieten we dubbel van de prachtige natuur. Vanuit de residentie vertrekt een gemarkeerd voetpad van 3 kilometer naar de Pont Julien, een antieke, door de Romeinen gebouwde stenen brug van 68 meter lang en met drie bogen. Ze behoort tot de best bewaarde Romeinse historische bouwwerken uit de streek. Dit lijkt ons een interessante bestemming. De wandeling loopt langs wijngaarden en velden die aarzelend rood kleuren door de eerste klaprozen. Weliswaar een weinig lommerrijk pad maar de mistral zorgt nog altijd voor de nodige afkoeling. De brug ligt idyllisch in de vallei van de Calavon. Het is er rustig vooral omdat de brug gesloten is voor verkeer, alleen voetgangers en fietsers zijn toegelaten.We vleien ons neer op het strandje bij de rivier met zicht op de brug en genieten van onze luie namiddag.

______________________________________________________________________________

woensdag 19 mei : Rustrel

Vandaag staat Rustrel, met zijn prachtige okerrotsen, op het programma. Niet voor niets noemen de Fransen het indrukwekkende landschap rondom het dorp "Le Colorado Provençal". De parkeerplaatsen zijn goed aangegeven en bij betaling krijgen we een plannetje met drie uitgestippelde wandelpaden : 5, 3 en 2 km. Wij kiezen circuit n°2, een tochtje van 3 km. De weg voert meteen steil omhoog door bos en struikgewas het gebergte in. Halverwege worden we beloond met een schitterend uitzicht op het okerlandschap met o.a. de "Cheminées des Fées" . Het pad wordt iets eentonig en de hitte begint ons parten te spelen. Alsof dit niet genoeg is stuiten we plots op een slang die haar dutje doet op een overhangende tak. Blijkbaar schrikt ze evenzeer als wij en ritselt weg in het struikgewas. Na een moeilijke afdaling bereiken we via de "cascade" ons einddoel : de Sahara, een dal van okerheuvels die zorgen voor verschillende kleurnuances, van lichtgeel tot dieprood. Kleuren die fel contrasteren met het groen van bomen en heuvels en het blauw van de hemel. Een prachtige omgeving waaraan we, mede dank zij de talrijke foto's die we maakten, een mooie herinnering hebben.

_____________________________________________________________________________

donderdag 20 mei : Ménerbes en Oppède-le-Vieux

Ménerbes is alweer een dorpje dat ligt in de gouden driehoek van de Luberon, en volgens sommigen wel het mooiste. De brit Peter Mayle schreef hier zijn boek "Een jaar in de Provence". Het werd een absolute bestseller en kreeg een award voor het beste reisboek van 1989. Het grote succes zorgde tijdens de daaropvolgende jaren voor busladingen toeristen die het dorp overspoelden. Godzijdank is de rust nu weergekeerd. Wij ervaren het als een idyllisch dorp dat zijn charme en authenticiteit heeft weten te bewaren. Het is prettig slenteren in de straatjes en over pleintjes terwijl we van vergezichten kunnen genieten. Op de fraaie Place de l'Horloge staat de Tour de l'Horloge, het vroegere belfort dat nu als gemeentehuis wordt gebruikt. Het is versierd met een mooie smeedijzeren campanile. In de buurt bevindt zich het wijn-en truffelmuseum. Boven op het einde van de rots ligt de 14de eeuwse église Saint-Luc en het vroegere kerkhof.

 
 

Vanuit Ménerbes is het maar een paar kilometer naar Oppède. Hier parkeren we de auto en gaan te voet verder naar Oppède-le-Vieux, ons uiteindelijke doel. Het wordt alweer een hele wandeling langs wijngaarden, kersenbomen, velden vol klaprozen en in vrijwel alle voortuintjes staan de blauwe irissen (Van Gogh schilderde ze zo graag) in volle bloei. Kortom een landschap dat nooit verveelt. In de verte ligt het dorp hoog op een rots gebouwd met een schilderachtige ligging. Na een vermoeiende klim bereiken we via een prachtig park van 3 ha en de terrassen van Sainte Cécile het oude dorpsplein. We stappen door een al even oude poort naar het hoger gelegen deel van het dorp waar de Eglise Notre-Dame-d'Alidon uit de 12 de eeuw en de kasteelruïnes staan. Eenmaal boven is het vooral genieten. Let wel op, rond de kerk en de ruïne is geen afsluiting voorzien, en de afgrond is duizelingwekkend diep. Het is al tegen valavond wanneer we huiswaarts keren. De mistral is geluwd en het voelt aangenaam warm aan. De krekels voelen zich in hun sas en geven een oorverdovend concert. Een dag om niet vlug te vergeten.

____________________________________________________________________________

vrijdag 21 mei : het cederwoud in Bonnieux

Wanneer we van de D36 in Bonnieux (waar onze residentie zich bevindt) naar het cederwoud rijden moeten we dwars door het centrum van Bonnieux. De straatjes zijn er erg smal en het kruisen van een tegenligger zorgt wel eens voor problemen. Eens de drukte voorbij slingert de weg omhoog via de "route de crête" naar de top van de Petit Luberon. De auto laten we al vlug aan de kant want de schitterende vergezichten op de Grand Luberon willen we zeker niet missen. Het cederwoud ligt nog op twee kilometer stappen. Daar is een botanische wandeling met acht informatiepunten uitgezet waar we uitleg krijgen over de planten in de regio. De cederbomen zijn afkomstig uit het Atlasgebergte in Marokko en in 1862 hier geplant. Al bij al een aangename wandeling in een schaduwrijk bos. Op de terugweg kan ik al evenzeer genieten van de variatie aan bloemen en kruiden die wortelen tussen het gesteente in het gebergte. Bij elke stap adem ik de geur van rozemarijn, tijm...en rondom ons niets dan stilte en rust.

______________________________________________________________________________

zaterdag 22 mei : rustdag

_______________________________________________________________

zondag 23 mei : rustdag

Het is bewolkt en zwoel. De warmte van de voorbije dagen heeft zich opgestapeld en eindigt in onweer. Ach, een uitstap zit er vandaag toch niet in want onze jongste zoon Geert komt ons vandaag opzoeken. Ik ben wel wat ongerust want een rit van duizend kilometer helemaal alleen met de auto is niet zonder risico. Gelukkig verloopt alles goed en 's avonds wordt er duchtig bijgepraat over onze belevenissen.

______________________________________________________________________________

maandag 24 mei : terug naar Lacoste

Voor de tweede maal wandelen we naar Lacoste, ditmaal samen met Geert. Daar waar de kersen vorige week nog groen aan de boom hingen zijn ze nu door de zon gerijpt en vragen om geplukt te worden. We kunnen het niet laten herhaaldelijk onze buik vol te smullen. In het dorpje ontdekken we steeds opnieuw steegjes en pleintjes, alle mooi versierd met bloemen en provençaalse potten. Op het terras van café "De Sade", overspoeld door engelse toeristen, drinken we een frisse pint. De wildste verhalen over het leven van de markies doen hier nog steeds de ronde.

______________________________________________________________________________

dinsdag 25 mei : Gordes en de abdij van Sénanque

Tegen de middag rijden we naar Gordes. De verwachtingen staan hoog gespannen want we waren hier drie jaar geleden en hebben mooie herinneringen. Het is moeilijk niet onder de indruk te geraken van het eerste zicht op het dorp. De huizen liggen schilderachtig tegen de steile rots die boven het dal van de Calavon uitsteekt. Eigenaardig genoeg kan het dorp zelf mij nu minder bekoren dan vroeger. Misschien ben ik verwend en heb ik al te veel mooie, en vooral rustige bergdorpjes in de 'gouden driehoek' bezocht. Of misschien komen we niet op het juiste tijdstip aan want men is volop bezig met het opkramen van de markt op het dorpsplein. Het is er rommelig en lawaaierig. We vluchten de kleine steile straatjes in waar boetiekjes worden overspoeld door mensenmassa's. Restaurants en cafeetjes doen gouden zaken maar als je niet uitkijkt betaal je al gauw 5,90 euro voor een frisdrank. Toch blijf ik genieten van de historische ruïnes, de geplaveide steegjes met mooie huizen, het kasteel en vooral de weelderige mediterrane vegetatie die uit de muren van gestapelde stenen groeit. Zie ook Provence 2007-Gordes.

We zoeken rustiger oorden op en gaan vanuit Gordes te voet naar de abdij van Sénanque. Het pad maakt deel uit van het GR6 wandelpad (rood/wit gestreept). Een moeilijke wandeling vanwege het stenig pad dat moet gelopen worden, dus goede wandelschoenen zijn hierbij wel noodzakelijk. We lopen geruime tijd tussen hoge muren van gestapelde stenen. Op een plannetje merk ik op dat de pestmuur hier in de buurt loopt maar ik ben er nog steeds niet uit of deze muur er deel van uitmaakt. De voldoening is groot als we in het diepe dal , in een magnifieke omgeving met (bloeiende) lavendelvelden, de schitterende 12de eeuwse strenge abdij zien liggen. Het is en blijft een serene plek waar ik steeds weer tot rust kom. Zie ook Provence 2007-Senanque.

_____________________________________________________________________________

woensdag 26 mei : terug naar Bonnieux

Het wordt heet vandaag. Een autoritje of een wandeling in de blakende zon zien we echt niet zitten. Daarbij komt nog dat de vermoeidheid van de vorige dagen zich begint op te stapelen en we meer en meer naar rust snakken. Na de middag trekken we naar Bonnieux en trakteren ons op een frisse pint. Het aanbod aan cafeetjes en terrasjes is groot. Wij kiezen er eentje uit met panoramisch zicht op de vallei en blijven hier voor de rest van de namiddag hangen. Tenslotte gaan we nog even langs de supermarkt, eerder een klein winkeltje, maar gespecialiseerd in tomaten. Ze hebben er meer dan vijftien variëteiten.

______________________________________________________________________________

donderdag 27 mei : Roussillon

Ofschoon we de okergroeven van Rustrel al bezocht hebben willen we die van Roussillon ook wel eens bekijken. Wij vragen ons af of ze de schoonheid van die van Rustrel wel kunnen evenaren. De wandeling (sentier des ocres) vertrekt aan de rand van het dorp naast het kerkhof. We kiezen de kortste route, een tegenvaller. Daar waar we in Rustrel vrij en rustig konden rondwandelen in de Sahara zijn hier de paadjes te veel afgebakend en overspoeld door toeristen. We hebben het al vlug gezien maar des te meer tijd hebben we om in het dorp rond te hangen. Het is een heel pittoresk dorp met smalle straatjes waarin soms trappen zijn uitgehakt, met dicht opeengepakte huizen waarvan de muren in fraaie okertinten zijn geschilderd, met diverse boetiekjes en galeries met hier en daar mooie doorkijkjes.We zijn aan het einde van de dag en de lage zonnestralen die op de gevels van de huizen schijnen maken het dorp heel bekoorlijk. Alweer een dag om niet gauw te vergeten.

____________________________________________________________________________

vrijdag 28 mei : markt Bonnieux

Onze laatste vakantiedag. 's Morgens is het markt in Bonnieux en dat willen we zeker niet missen. De kraampjes geuren en kleuren om het hardst. Glimmende olijven, kruiden, tapenades, oliën, kazen, stierenworsten, kersen....alles ligt er om te proeven. Een echt festijn. Na de middag gaan we nog langs de "cave de Bonnieux", de wijncoöperatieve, waar we onze voorraad wijn opslaan. Daarna houden we ons rustig en bereiden ons voor op de terugreis. Morgen wacht ons alweer een lange rit.

____________________________________________________________________________

top

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor vragen of opmerkingen kan je me mailen of een bericht achterlaten in mijn gastenboek.